Nieuws detail
Belangen van huurder en verhuurder
05.03.2011Teneinde een huurder van bedrijfsruimte in de gelegenheid te stellen de gedane investeringen in het gehuurde terug te verdienen, gaat de wetgever er in beginsel van uit dat een huurder huurbescherming verdient gedurende een periode van 10 jaar. Indien niet anders is overeengekomen wordt een huurovereenkomst gesloten voor de duur van 5 jaar te verlengen met een periode van 5 jaar. De wet bepaalt dat indien de verlengde overeenkomst niet tegen het eind van de tweede termijn is opgezegd de overeenkomst wordt voortgezet voor onbepaalde tijd, tenzij partijen anders met elkaar zijn overeengekomen.
Opzegging door de verhuurder tegen het einde van de eerste termijn kan door de rechter slechts worden toegestaan indien de bedrijfsvoering van de huurder niet is geweest zoals een goed huurder betaamt of indien de verhuurder aannemelijk maakt dat hij het gehuurde dringend nodig heeft voor eigen gebruik (waaronder niet wordt begrepen vervreemding van de bedrijfsruimte). Indien de opzegging is gedaan tegen het einde van de tweede termijn kan de rechter de vordering van de verhuurder ook toewijzen op grond van een redelijke wederzijdse belangenafweging.
Uitspraak Gerechtshof
Het Gerechtshof te Amsterdam heeft op 28 april 2009 bepaald dat bij belangenafweging na ommekomst van 10 jaar tussen verhuurder en huurder uitsluitend het eigen belang van de verhuurder gewicht in de schaal legt en niet het maatschappelijk belang dat de gemeente heeft bij de bouw van een brandweerkazerne op de plaats van het gehuurde, waarvoor verhuurder het verhuurde had verkocht aan de gemeente.
Verhuurder stelde in deze zaak dat als gevolg van de verkoop van de bedrijfsruimte aan de gemeente zij (de verhuurder) een aanvullend belang had gekregen bij beƫindiging van de huurovereenkomst. Daarbij vermeldde zij dat zij dit aanvullend belang te meer had nu zij bij niet-nakoming van de koopovereenkomst met de gemeente schadeplichtig zou worden.
Het Gerechtshof besliste dat dit aanvullend belang geen gewicht in de schaal legt omdat verhuurder behoorde te weten dat de huurbeƫindiging onzeker was en verhuurder niettemin heeft nagelaten in de koopovereenkomst met de gemeente een ontbindende voorwaarde op te nemen.
De belangen van de huurder bij voortzetting van de huurovereenkomst werden zwaarder wegend geoordeeld dan de belangen van de verhuurder.
Nieuws
Dringend eigen gebruik bij verhuur
27 mei 2011Eigenrisicodrager voor de WGA
27 april 2011Beslag onder een derde
27 maart 2011

